www.Hobby-Electronics.info

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte

Hoofdstuk 5. Diodes

Inleiding

Een diode is een onderdeel dat de stroom in slechts één richting geleidt: de richting van de pijl in het diodesymbool, dat er zo uitziet:

De linkerkant noemen we de anode en de rechterkant de kathode. Op de behuizing van een diode is de kathode meestal voorzien van een ring.

De belangrijkste karakteristieken van een diode zijn: maximum voorwaartse stroom, spanningsval, maximum vermogensdissipatie en maximum sperspanning.

De voorwaartse stroom is de stroom in de richting van de pijl in het diodesymbool, dus van anode naar kathode. Deze stroom zorgt ervoor dat er een bepaalde spanning over de diode valt: de spanningsval.

Elke diode heeft een minimum spanningsval. Deze wordt de kniespanning genoemd. De diode zal niet geleiden zolang de spanning erover lager is dan deze kniespanning. De kniespanning van een gewone siliciumdiode bedraagt ongeveer 0.6V.

De vermogensdissipatie van een diode is gelijk aan de voorwaartse stroom vermenigvuldigd met de spanningsval.

De maximum sperspanning is de maximale spanning die over de diode mag vallen wanneer deze in sperrichting is geschakeld.

Wie te weten wil komen hoe een diode intern werkt, moet even naar binnen gluren.

U bent bezoeker nummer: